
Jurisprudentie
AN9212
Datum uitspraak2003-12-03
Datum gepubliceerd2003-12-03
RechtsgebiedBouwen
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200304269/1
Statusgepubliceerd
Datum gepubliceerd2003-12-03
RechtsgebiedBouwen
Soort ProcedureHoger beroep
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200304269/1
Statusgepubliceerd
Indicatie
Bij besluit van 24 juli 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem (hierna: het college) met toepassing van artikel 50, vierde lid, van de Woningwet aan [derde belanghebbende] bouwvergunning verleend voor het bouwen van een extra verdieping en het wijzigen van de achtergevel van de eerste verdieping van de woning aan de [locatie] te [plaats].
Uitspraak
200304269/1.
Datum uitspraak: 3 december 2003
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellante], wonend te [woonplaats],
tegen de uitspraak van de rechtbank te Haarlem van 16 mei 2003 in het geding tussen:
appellante
en
het college van burgemeester en wethouders van Haarlem.
1. Procesverloop
Bij besluit van 24 juli 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem (hierna: het college) met toepassing van artikel 50, vierde lid, van de Woningwet aan [derde belanghebbende] bouwvergunning verleend voor het bouwen van een extra verdieping en het wijzigen van de achtergevel van de eerste verdieping van de woning aan de [locatie] te [plaats].
Bij besluit van 29 oktober 2002 heeft het college het daartegen door appellante gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 16 mei 2003, verzonden op 26 mei 2003, heeft de rechtbank te Haarlem (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellante ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief van 26 juni 2003, bij de Raad van State ingekomen op 27 juni 2003, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 29 juli 2003. Deze brieven zijn aangehecht.
Bij brief, ingekomen op 26 augustus 2003, heeft het college van antwoord gediend.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 14 november 2003, waar appellante in persoon, bijgestaan door mr. J.W. Spanjer, advocaat te Haarlem, en het college, vertegenwoordigd door J.A. Nupoort en mr. S. Jurada, ambtenaren van de gemeente, zijn verschenen. Voorts is daar gehoord [derde belanghebbende], bijgestaan door [gemachtigde].
2. Overwegingen
2.1. Het bouwplan betreft het bouwen van een extra verdieping en het wijzigen van de achtergevel op het perceel schuin achter het perceel van appellante.
2.2. Ten tijde van het indienen van de bouwaanvraag was voor het gebied waar het perceel in gelegen is een voorbereidingsbesluit van kracht. Omdat het bouwplan niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan “Bomenbuurt” heeft het college met toepassing van artikel 50, vierde lid, van de Woningwet bouwvergunning verleend.
2.3. Gebleken is dat dit bestemmingsplan inmiddels onherroepelijk is geworden. Thans zou derhalve bouwvergunning zonder toepassing van voornoemd artikel 50, vierde lid, van de Woningwet verleend kunnen worden. Er bestaat daarom geen belang meer bij een uitspraak over de rechtmatigheid van de in bezwaar gehandhaafde beslissing om op het nieuwe bestemmingsplan vooruit te lopen. Voorts is niet in geschil dat het bouwplan in overeenstemming is met dat bestemmingsplan.
2.4. Het hoger beroep is ongegrond.
2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. T.M.A. Claessens, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.H. Roelfsema, ambtenaar van Staat.
w.g. Claessens w.g. Roelfsema
Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 3 december 2003
378.

